Scoliose

Wat is scoliose?
Scoliose is een verkromming van de wervelkolom. De wervelkolom kan op verschillende manieren kromgegroeid zijn:
-    S-vorm: de wervelkolom heeft de vorm van een s. Er zijn twee bochten in de wervelkolom zichtbaar.
-    C-vorm: de wervelkolom heeft de vorm van een c. Er is één bocht in de wervelkolom zichtbaar.

Wat zijn de oorzaken van scoliose?
Vaak is de oorzaak van scoliose onbekend. Scoliose bij kinderen kan in verschillende vormen voorkomen:
Idiopathische scoliose
Meestal is er sprake van idiopathische scoliose: scoliose waarbij de oorzaak niet bekend is. Er zijn aanwijzingen om aan te nemen dat bijvoorbeeld erfelijkheid een rol speelt bij de ontwikkeling van scoliose, maar dit is nog niet wetenschappelijk bewezen.



Er zijn drie vormen van scoliose bij kinderen:

-    Infantiele idiopathische scoliose (tot 4 jaar)
Infantiele idiopathische scoliose (scoliose bij baby of kind) komt vaker voor bij jongens dan bij meisjes. Het kan vanzelf herstellen.
-    Juveniele scoliose (4-9 jaar)
Juveniele idopatische scoliose komt vaker voor bij meisjes dan bij jongens en kan niet vanzelf herstellen.
-    Adolescente idiopathische scoliose (10-18 jaar)
Deze vorm van scoliose komt voor bij oudere kinderen, vooral bij meisjes. Het is de meest voorkomende vorm van de drie.

Congenitale scoliose
Congenitale scoliose is aangeboren scoliose. In de eerste weken van de zwangerschap is de kromme rug van het kind al zichtbaar. Congenitale scoliose is zeldzaam en wordt, wanneer de kromming van de wervelkolom minimaal is, niet altijd opgemerkt. De oorzaak zit vaak in een onvolledige – of verkeerde aanleg van enkele wervels. 

Neuromusculaire scoliose
Neuromusculaire scoliose ontstaat op jonge leeftijd. De ziekte is chronisch en wordt steeds erger. Er is sprake van een onbalans in de spieren die zich naast de wervelkolom bevinden. Deze spieren houden de wervelkolom in vorm, wanneer één van de spieren minder kracht heeft kan de wervelkolom krom worden. De onbalans in de spieren kan veroorzaakt worden door verschillende spierziekten, waaronder de ziekte van Duchenne en spasticiteit (cerebrale parese).

Klachten en symptomen

In welke levensfase komt het voor?
Scoliose kan op elke leeftijd ontstaan. Scoliose bij kinderen kan ontstaan voor de geboorte, op zeer jonge leeftijd en in de latere kinderjaren. Voor meer informatie over de leeftijd waarop scoliose bij kinderen ontstaat: zie het stuk over idiopathische scoliose. 

Welke klachten en symptomen kan iemand hebben?
Scoliose hoeft niet altijd gepaard te gaan met klachten. Niet zelden komt het voor dat er helemaal geen klachten zijn en de scoliose niet ontdekt wordt.
Wanneer u een ernstige vorm van scoliose hebt dan kan dit de volgende klachten en symptomen met zich meebrengen:
-    ademhalingsproblemen
-    problemen met bewegen
-    vermoeidheid
-    pijn in de rug, de schouders, de nek en/of het hoofd 

Vooral bij kinderen in de puberteit speelt het cosmetische aspect een belangrijke rol. Wanneer iemand een kromme rug heeft dan is de vorm van de rug anders dan normaal. Soms valt dit niet op, maar er zijn ook gevallen waarbij de kromme rug duidelijk zichtbaar is. Er kunnen veranderingen optreden die psychische problemen (zoals een negatief zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen of een depressie) veroorzaken omdat de houding bij patiënten met scoliose (ernstig) afwijkt van een normale houding. Veranderingen die kunnen optreden zijn bijvoorbeeld: 
-    een bochel op de rug
-    rechts en links een ongelijke afstand tussen de arm en de rug
-    ongelijke schouders
-    een naar voren staande heup

Diagnose en onderzoek

Hoe en door wie wordt de diagnose gesteld?
In eerste instantie zal de orthopedisch chirurg een gesprek met u voeren waarbij gerichte vragen gesteld worden over de klachten en de symptomen. Er worden vragen gesteld als: ‘Waar hebt u pijn?’, ‘Komt scoliose voor in uw familie?’ en ‘Wanneer zijn de klachten begonnen?’. Daarnaast zal er een lichamelijk onderzoek uitgevoerd worden, de orthopedisch chirurg zal de cosmetische symptomen zoals ongelijke schouders en een naar voren staande heup bekijken. Ook de aanwezigheid van een bochel wordt getest. Hiervoor kan de buktest van Adam gebruikt worden. Wanneer een patiënt met scoliose naar voren bukt zal er op de rug een bochel zichtbaar worden. 

Welke onderzoeken worden gedaan?
Naast het lichamelijke onderzoek kan er radiologisch onderzoek gedaan worden. Op een röntgenfoto zijn de kromming van de wervelkolom en de ernst van de scoliose goed zichtbaar. Eventueel kan aanvullend onderzoek gedaan worden met een MRI-scan.

Meer informatie
Kijk voor meer informatie over de scoliose op de websites van:
De Werkgroep Kinderorthopaedie Nederland (WKO): www.kinderorthopaedie.nl
Orthopedie.nl (speciaal gericht op kinderorthopedie): www.kinderorthopedie.nl


Niet-operatieve (conservatieve) behandeling

Bij aangeboren vergroeiingen van de wervels heeft een niet-operatieve behandeling (zoals korsetten en het uitvoeren van oefeningen) geen effect. Controles moeten gedaan worden om te zien of de bocht in de rug gedurende de groei hetzelfde blijft, of juist toeneemt. In het laatste geval zal een operatie noodzakelijk zijn om verdere toename van de bocht in de groei tegen te houden. Ook bij bochten in de rug als gevolg van ongelijke spierspanning en in geval van spasticiteit of andere zenuw- en spieraandoeningen is het belangrijk te controleren of de bocht in de rug toeneemt. Ook hier geldt dat, wanneer de bocht in de tijd steeds groter wordt, korsetten en oefentherapie niet helpen. Een operatie is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de patiënt niet helemaal dubbel vouwt. In tegenstelling tot de hierboven beschreven scolioses kan bij de idiopathische scoliose tot ca. 30 graden afgewacht worden (evt. houdingstherapie/Mensendieck therapie).

Brace
Kinderen met een hoek tussen de 30 en 50 graden zouden eventueel profijt kunnen hebben van een korset (brace) behandeling als ze nog duidelijk in de groei zijn. Hierbij wordt een op maat gemaakt korset voor het grootste deel van de dag gedragen. Tegenwoordig bestaat er wel twijfel of het soms geringe resultaat opweegt tegen de nogal belastende behandeling. Dit kan het best per geval overwogen worden door ouders en behandelend orthopedisch chirurg.

Operatieve behandeling

Voor de operatie

Anesthesie
De operatie vindt plaats onder algehele narcose.

Tijdens de operatie
Bij een afwijking boven de 45-50 graden zal een operatie overwogen worden. Hierbij kan de afwijking niet geheel gecorrigeerd worden, de wervelkolom wordt in een stand vastgezet met een zo klein mogelijke bocht. Het is namelijk bekend dat bochten boven de 50-60 graden ook na vastzetten blijven toenemen, zelfs als men allang uitgegroeid is. Het is niet geheel duidelijk waarom bij sommige patiënten de scoliose progressief is en bij anderen niet. Uiteindelijk komt maar een klein percentage eventueel voor een brace in aanmerking, en een nog veel kleiner gedeelte voor een operatie. Deze operaties worden niet in het OCON uitgevoerd maar in Nijmegen. 

Hechtingen
De wond wordt gehecht met oplosbare hechtingen.

Na de operatie
Opnameduur
De opnameduur van uw kind varieert van enkele dagen tot twee weken, afhankelijk van de soort en uitgebreidheid van de operatie. Voordat uw kind naar huis kan, moet er aan een aantal voorwaarden worden voldaan:
-    Uw kind kan zelfstandig lopen.
-    Het kan zelfstandig in en uit bed komen.
-    Er is sprake van een goede wondgenezing.
Het is belangrijk dat de thuissituatie geregeld is. Ondanks dat uw kind een bepaalde mate van zelfstandigheid heeft als hij/zij naar huis gaat, is het nog niet mogelijk dat het zich geheel zelfstandig kan verzorgen. Het is daarom van belang dat er altijd iemand aanwezig is in huis die uw kind hierbij kan helpen. Het gaat dan vooral om de eerste weken na de operatie.

Complicaties
Deze operatie brengt net als iedere andere operatie de kans op een infectie met zich mee. Daarnaast kent deze operatie een aantal specifieke risico's en complicaties :
-    losraken van het materiaal (dit is zeldzaam, maar het lijdt tot een nieuwe operatie);
-    neurologische schade in de vorm van verlamming (zeer zeldzaam door nieuwe bewakingstechnieken tijdens de operatie).


Uw kind hoeft in de meeste gevallen na de operatie geen korset te dragen. Rekent u voor de totale revalidatie van uw kind op zes tot twaalf maanden. Het vergroeien van de wervels zal ongeveer drie tot zes maanden in beslag nemen.

Fysiotherapie
Na de operatie wordt zo snel mogelijk begonnen met het mobiliseren van uw kind onder begeleiding van de fysiotherapeut. De fysiotherapeut zal dagelijks met uw kind oefeningen doen, waardoor uw kind zelfstandiger wordt en beter leert omgaan met zijn of haar tijdelijke beperkingen. 

De wond
Uw kind mag de derde dag na de operatie weer douchen. De wondpleister blijft vijf dagen zitten. De wond van uw kind hechten wij met oplosbare hechtingen. Dit betekent dat de hechtingen niet verwijderd hoeven te worden door de huisarts. 

Leefregels
Voor de eerste vier maanden na de operatie:
-    Uw kind kan niet op de buik liggen en liever ook niet op de zij. Op de rug liggen verdient de voorkeur.
-    Langdurig staan, slenteren en hardlopen is niet toegestaan.
-    Uw kind kan niet onderuitgezakt zitten, maar wel rechtop of met een steun in de rug (een kussen).
-    Laat uw kind niet te lang achter elkaar zitten (bouw dit langzaam op).
-    Probeer ervoor te zorgen dat uw kind zo min mogelijk draaibewegingen van de romp maakt. Bijvoorbeeld wanneer uw kind op een stoel zit en zich achterom wil draaien. Hierbij is het beter om de heupen en schouders gelijktijdig te draaien.
-    Uw kind mag geen bolle of holle rug maken, niet bukken en geen overstrekkende bewegingen met de armen maken; hierdoor kan de rug extra belast worden.
-    Uw kind mag niets dragen dat zwaarder is dan vijf kilogram.
-    Tot drie maanden na de operatie is fietsen of op een bromfiets rijden (ook niet achterop) niet toegestaan. De arts zal het aangeven wanneer dit mag.
-    Uw kind kan de eerste zes maanden na de operatie niet sporten, wat dus ook inhoudt dat het niet mag meedoen met gym op school. De arts zal aangeven wanneer dit weer kan.
-    Uw kind mag na drie maanden zwemmen en fietsen, tenzij de orthopedisch chirurg anders beslist.