Gewrichtsmuis enkel

Wat is een gewrichtsmuis?
Een gewrichtsmuis of corpus liberum is een stukje los kraakbeen of bot in de enkel. Het stukje bot of kraakbeen kan zich vrij in de enkel bewegen. Soms kan het beklemd raken in het gewricht, hierdoor kan het kraakbeen in het gewricht beschadigd worden. Een corpus liberum kan in elk gewricht ontstaan, maar vaak ontstaat dit in de knie, de elleboog of de enkel. 


Wat zijn de oorzaken van een gewrichtsmuis?
De oorzaak van een gewrichtsmuis is niet altijd bekend. In enkele gevallen ontstaat een corpus liberum zonder aanwijsbare reden. Bij jonge mensen kan een gewrichtsmuis ontstaan door een slechte doorbloeding in de enkel. Een slechte doorbloeding kan ontstaan door intensieve of verkeerde belasting van de enkel. Door een slechte doorbloeding kan een stukje bot of kraakbeen afsterven, waardoor een gewrichtsmuis ontstaat. Bij oudere mensen is een gewrichtsmuis vaak een gevolg van artrose. Door artrose en slijtage aan de gewrichten kan een stukje bot of kraakbeen losraken.

Klachten en symptomen

In welke levensfase komt het voor?
Een corpus liberum kan op elke leeftijd ontstaan. Bij jonge mensen ligt de oorzaak vaak in een slechte doorbloeding. Bij ouderen is artrose in het gewricht vaak de oorzaak.

Welke klachten en symptomen kan iemand hebben?
Een gewrichtsmuis hoeft niet pijnlijk te zijn. Wanneer het stukje kraakbeen of bot zich ergens los in het gewricht bevindt of wanneer het ergens ingekapseld is ervaren patiënten meestal weinig pijn. Patiënten kunnen de gewrichtsmuis soms wel voelen zitten. De gewrichtsmuis kan ergens tussen schieten, waardoor gewrichten kunnen blokkeren. De gewrichten komen ‘op slot’ te zitten. Het verschieten van deze gewrichtsmuizen is voor patiënten vaak voelbaar.

Diagnose en onderzoek

Hoe en door wie wordt de diagnose gesteld?
De orthopedisch chirurg bespreekt de klachten met de patiënt. Ook wordt de medische geschiedenis van de patiënt besproken. De combinatie van de klachten en de geschiedenis geeft een goed beeld. De orthopedisch chirurg kan op basis hiervan beslissen of er sprake kan zijn van een corpus liberum en of het nodig is om verder onderzoek te verrichten.

Welke onderzoeken worden gedaan?
Een röntgenfoto kan het vermoeden van de aanwezigheid van een gewrichtsmuis bevestigen. Wanneer de gewrichtsmuis niet zichtbaar is op de röntgenfoto kan een MRI-scan duidelijkheid geven. Een MRI-scan kan tevens in beeld brengen of er sprake is van schade aan het kraakbeen in het gewricht. Daarnaast kan een kijkoperatie van de enkel worden verricht, hierbij kan de gewrichtsmuis direct worden verwijderd en kan eveneens de conditie van het kraakbeen worden beoordeeld.


Niet-operatieve (conservatieve) behandeling

De klachten die kenmerkend zijn voor een gewrichtsmuis verdwijnen soms vanzelf. Een operatieve behandeling is daarom niet altijd noodzakelijk, maar in de meeste gevallen is een operatie niet te voorkomen.

Operatieve behandeling

Voor de operatie
Anesthesie
De operatie kan worden uitgevoerd na toediening van een ruggenprik of onder algehele narcose. De keuze voor de vorm van anesthesie wordt voor de opname op de pre-operatieve polikliniek door de anesthesioloog met u besproken.

Tijdens de operatie
Meestal wordt een corpus liberum verwijderd door middel van een kijkoperatie (arthroscopie) van de enkel. Hierbij wordt een camera door een kleine snede de enkel ingebracht. Door andere kleine sneetjes worden chirurgische instrumenten ingebracht. Op een televisiescherm kan de orthopedisch chirurg zien wat hij precies doet. Het voordeel van een kijkoperatie is dat er geen grote wond ontstaat. De enkel blijft voor het grootste deel gesloten, het blootleggen van de enkel is niet nodig. Hierdoor duurt de operatie minder lang en zal het herstel, vanwege de kleine wonden, sneller zijn.



Hechtingen
In vrijwel alle gevallen wordt gebruikt gemaakt van oplosbare hechtingen. Zes weken na de operatie komt u voor een controle afspraak op de polikliniek.

Na de operatie
Als de operatie is beëindigd wordt er een drukverband om de enkel aangelegd. Vervolgens gaat u terug naar de uitslaapkamer. 

Opnameduur
Deze behandeling vindt over het algemeen plaats in dagbehandeling. Nadat u instructies heeft gekregen van de verpleegkundige kunt u het ziekenhuis verlaten.

Mobiliteit
Na de operatie mag u in de meeste gevallen de enkel direct weer volledig belasten. Hele zware belasting van de enkel moet u in eerste instantie zien te voorkomen. Het is belangrijk dat u elke dag oefeningen doet met uw voet. Wanneer de zwelling en de pijn hierbij toenemen dan zult u het rustiger aan moeten doen.

Complicaties
Uiteraard wordt er steriel gewerkt om infecties te voorkomen. De kans op een infectie blijft echter altijd aanwezig. Daarnaast is er kans op gevoelsstoornissen van de huid rond de steekgaatjes en tevens op de voetrug. Vaak verbeteren deze gevoelsstoornissen in de loop van de tijd.


In het ziekenhuis
Na de operatie wordt er een drukverband om de voet aangelegd. U krijgt van onze fysiotherapeuten of verpleegkundigen instructies hoe u met krukken moet lopen.

Pijnstilling
Indien u pijn ervaart kunt u pijnstillers gebruiken. U krijgt een recept voor pijnstillers mee, u kunt uw medicatie bij uw apotheek ophalen.

Poliklinische controle
Na zes weken komt u op de polikliniek voor controle bij de orthopedisch chirurg.

Revalidatie en fysiotherapie
Na twee dagen mag het drukverband om de enkel worden verwijderd. U mag de voet in de dagen na de operatie geleidelijk weer gaan belasten. U dient uw voet zo veel mogelijk hoog te leggen om zwelling te voorkomen. Daarnaast dient u de enkel regelmatig te bewegen om stijfheid te voorkomen. Fysiotherapie kan worden voorgeschreven om u hierin te begeleiden.

NB: De standaard nabehandeling is hier beschreven, in individuele gevallen kan van dit schema worden afgeweken.