Olecranonfracturen

Wat zijn olecranonfracturen?
De ellepijp wordt in vaktermen de ulna genoemd en vormt samen met het spaakbeen (radius) de onderarm. Het gedeelte van de ellepijp dat de elleboog vormt (olecranon) ligt direct onder de huid en is daarom goed voelbaar en zichtbaar. Bij een val breekt helaas regelmatig het olecranon.  
Deze fracturen kunnen in sommige gevallen zonder operatie worden behandeld, de arm krijgt een aantal weken rust in gips en een mitella zodat de breuk kan genezen en goede pijnstillers worden voorgeschreven. Vaak kan de breuk met een plaat en schroeven of een cerclage worden behandeld. 

Wat zijn de oorzaken van olecranonfracturen?
Een gebroken ellepijp ter hoogte van de elleboog (olecranonfractuur) treedt op door een directe val op de elleboog. Door de directe ligging onder de huid is de ellepijp kwetsbaar bij een val.

Klachten en symptomen

In welke levensfase komt het voor?
Iedereen kan zijn of haar ellepijp breken.

Welke klachten en symptomen kan iemand hebben?
De symptomen van een een olecranonfractuur kunnen zijn:
-    een pijnlijke, gezwollen elleboog;
-    pijn bij bewegen van de elleboog;
-    een schurend en/of knarsend gevoel als men de elleboog probeert te bewegen;
-    een zwelling en een bloeduitstorting boven de plaats van de breuk;
-    het niet kunnen strekken van de elleboog.

Diagnose en onderzoek

Hoe en door wie wordt de diagnose gesteld?
Het stellen van de diagnose wordt meestal op de spoedeisende hulp gedaan, na een val bent u daar onderzocht en aansluitend zijn er röntgenfoto’s van uw elleboog gemaakt.

Welke onderzoeken worden gedaan?
Met behulp van röntgenonderzoek wordt de plaats en de ernst van de ellepijp breuk bepaald en wordt het behandelplan opgesteld.


Niet-operatieve (conservatieve) behandeling

De behandeling van een gebroken olecranon is afhankelijk van hoe en waar het bot gebroken is. In principe wordt een olecranonbreuk alleen conservatief behandeld als de breuk niet verplaatst is. 

Als er besloten is tot een conservatieve behandeling, wordt de elleboog een aantal weken (4-6) geïmmobiliseerd met gips en een mitella. In deze periode krijgt u een aantal eenvoudige oefeningen voor de schouder, pols en vingers. Als het gips verwijderd wordt worden elleboog oefeningen gestart waarbij het strekken en buigen van de elleboog geoefend wordt.

 

Operatieve behandeling

Voor de operatie
Anesthesie
De te opereren elleboog wordt verdoofd met een regionaal pijnblok (een zenuwblokkade), al dan niet in combinatie met algehele narcose.

Tijdens de operatie
Cerclage (Zuggertung) of plaatosteosynthese
Een operatie wordt uitgevoerd bij verplaatsing in de breuk. Omdat de strekpees (triceps) bevestigd zit aan het olecranon is er vaak verplaatsing in de breuk en is er een reden voor een operatieve behandeling.
De reden hiervan is dat bij een verplaatsing van de breuk de strekpees niet meer of minder functioneel is met een grote kans op restklachten (het niet actief kunnen strekken van de elleboog) en het niet vastgroeien van de breuk. Andere redenen zijn een open fractuur of bijkomend bloedvat- en/of zenuwletsel.
Er wordt een cerclage-osteosynthese (zie afbeelding 2) verricht bij een relatief eenvoudige breuk of een plaatosteosynthese uitgevoerd bij een breuk die bestaat uit meerdere stukken: de breuk wordt dan gefixeerd met een plaatje en schroeven (zie afbeelding 3). Hiervoor wordt er een snee gemaakt aan de achterkant van de elleboog. De gebroken botstukken worden tegen elkaar geplaatst en met een plaatje en schroeven of een cerclage vastgezet. De operatie duurt ongeveer 45 - 75 minuten.

Hechtingen
De wond wordt gehecht met nietjes of niet-oplosbare hechtingen. De nietjes of hechtingen worden na 14 dagen verwijderd bij uw huisarts.

Na de operatie
Opnameduur
Een operatie voor een olecranonfractuur gebeurt meestal in dagbehandeling. U mag naar huis op de dag van de operatie. 

Resultaat
De meeste patiënten zijn grotendeels pijnvrij binnen 6 weken. Vrijwel alle breuken die worden gefixeerd met een plaat of een cerclage groeien vast. Als de breuk vast zit, hebben de meeste mensen een pijnvrije, ongestoorde elleboogfunctie. Het duurt wel vaak lang (3-4 maanden) om weer volledig de elleboog te kunnen strekken. De plaat of de cerclage moet regelmatig verwijderd worden na 9 - 12 maanden omdat mensen last hebben van het feit dat de huid erover schuurt of het materiaal voelen bij het leunen op de elleboog.

Complicaties
Ondanks alle zorg die aan de operatie besteed wordt, kunnen er nadien soms toch complicaties optreden. De meest voorkomende complicaties zijn:
-    een nabloeding in de elleboog;
-    een stijve elleboog;
-    schade door de operatie aan structuren rond de elleboog, zoals zenuwen of bloedvaten. Dit is echter zeer zeldzaam;
-    een breed litteken;

Contact opnemen
Neem contact op met uw orthopedisch chirurg indien:
-    een bloeding die niet stopt nadat u er 10 minuten stevig tegenaan hebt gedrukt;
-    u heftige pijn hebt die niet goed reageert op de pijnmedicatie;
-    een infectie van de wond zich uit in roodheid, zwelling, pijn en eventueel pus;
-    er sprake is van een abnormale zwelling of koorts;
-    24 uur na de ingreep het gevoel en de beweeglijkheid in uw vingers, arm en schouder nog niet volledig terug is. De pijnblokkade die u krijgt werkt namelijk maximaal 24 uur, daarna moet alles weer normaal functioneren;
-    u het vanwege andere redenen niet vertrouwt.

U kunt hiervoor tijdens kantooruren bellen met het secretariaat van OCON, telefoonnummer: 088 - 708 3370.
Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de verpleegafdeling van OCON, telefoonnummer: 088 - 708 5560.


Nabehandeling

Gips
Soms wordt er na een operatie voor 1-2 weken een bovenarmsgips gegeven om de elleboog en de wond rust te geven.

Sling
Na een plaatosteosynthese of cerclage voor een olecranonbreuk krijgt u een sling (draagband) aangemeten. Deze sling moet u 1 - 2 weken dragen en voorkomt dat u de elleboog overbelast. Zorg er bij het dragen van deze sling voor dat de pols iets hoger hangt dan de elleboog en dat de eindlus van de sling op uw pols/pink leunt, zie onderstaande afbeelding. U mag de sling afdoen wanneer u zich gaat douchen/wassen. Bij het aankleden van uw bovenkleding buigt u licht voorover en doet u eerst de behandelde arm door het T-shirt of het hemd, de onbehandelde arm volgt daarna.

Revalidatie
U moet er rekening mee houden dat u na de operatie geen auto kunt rijden en niet mag fietsen gedurende een 4 - 6 weken. Dit kan weer als u weinig pijn heeft en een goede controle over de arm en elleboog heeft, zodat dit verantwoord is. Voor het herstel van deze ingreep moet u rekenen op een periode van 6 weken tot een half jaar. Het duurt 3 - 4 maanden voordat u de elleboog weer volledig kan strekken. Contactsporten en bovenhandse sporten zijn mogelijk na gemiddeld 3 maanden. Werkhervatting: licht werk (niet tillen) na 10 dagen – 4 weken, matig zwaar werk (lichte last tillen, onder schouderhoogte) na 4-6 weken, zwaar werk 2-3 maanden postoperatief.

Fysiotherapie
Onze fysiotherapeut geeft u instructies voor nabehandeling voor uw eigen fysiotherapeut mee, er bestaat geen specifiek protocol voor omdat de reactie en het effect van de operatie sterk individueel verschillend is. Het belangrijkste is dat de elleboog snel weer in beweging komt, echter dient u oefeningen te doen binnen redelijke pijngrenzen.

Medicatie
Het is belangrijk om te weten dat elleboogoperaties erg pijnlijk kunnen zijn. U krijgt daarom een recept voor goede pijnstillers mee. Ondanks deze pijnstillers kunt u de eerste weken na de operatie pijn voelen. Daarna wordt de pijn langzaam minder.

Controle 
6-8 weken na de operatie komt u voor een controle afspraak bij uw orthopedisch chirurg met een controle röntgenfoto.