Osteochondraal letsel van de talus

Wat is osteochondraal letsel van de talus?
Een osteochondraal letsel van de talus (osteochondritis dissecans) is een beschadiging van het kraakbeen van het sprongbeen. Het sprongbeen is het bot dat het been verbindt met de voet. Zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van het sprongbeen (talus) kan het kraakbeen beschadigen.

Wat zijn de oorzaken van osteochondraal letsel van de talus?
Een osteochondraal letsel van de talus wordt vaak veroorzaakt door het verzwikken van de enkel of door een ander trauma. Een osteochondrititis dissecans (OCD) is een doorbloedingsstoornis van het direct onder het kraakbeen gelegen bot, hierdoor kan ook een beschadiging van het kraakbeen ontstaan. Osteochondritis dissecans ontstaat meestal in de tienerjaren, het kan echter pas later klachten geven, als het kraakbeen onderbroken is. Hierbij kan ook een gewrichtsmuis ontstaan. Een gewrichtsmuis is een los stukje bot of kraakbeen dat door inklemming pijn en slotklachten kan geven in de enkel.

Klachten en symptomen

In welke levensfase komt het voor?
Osteochondraal letsel van de talus komt in principe bij alle leeftijden voor. Osteochondritis dissecans van de talus wordt het vaakst bij jonge mannen vastgesteld.

Welke klachten en symptomen kan iemand hebben?
Klachten
Osteochondrale letsels zijn pijnlijk en gaan gepaard met een zwelling. Men beschrijft vaak een zeurende pijn die diep in de enkel zit.

Symptomen
Naast de pijn en de zwelling is er bij patiënten vaak sprake van enige onzekerheid. Men is angstig om opnieuw de enkel te verzwikken. Doordat men de enkel daarom gaat ontzien kan men hierdoor onbewust anders gaan lopen dan normaal.

Diagnose en onderzoek

Hoe en door wie wordt de diagnose gesteld?
De orthopedisch chirurg voert lichamelijk onderzoek uit en bespreekt de klachten. Meestal is dit niet voldoende om een goede diagnose te kunnen stellen. Vaak moet er aanvullend onderzoek worden verricht om de diagnose osteochondraal letsel, of osteochondritis dissecans van de talus te kunnen stellen.

Welke onderzoeken worden gedaan?

Naast het lichamelijke onderzoek wordt er altijd een röntgenfoto van de enkel gemaakt. Daarnaast kan eventueel een MRI- of CT-scan worden gemaakt. Dit omdat een normale röntgenfoto niet altijd duidelijk genoeg is.


Niet-operatieve (conservatieve) behandeling

Steunverbod
Wanneer het letsel direct herkend wordt en de behandeling direct gestart kan worden dan kan de arts u een ‘steunverbod’ voorstellen. Voor een periode van 4 tot 6 weken mag u de voet en enkel niet belasten en dient u met elleboogkrukken te lopen.

 

Operatieve behandeling

Voor de operatie
Anesthesie
De operatie kan worden uitgevoerd na toediening van een ruggenprik of onder algehele narcose. De keuze voor de vorm van anesthesie wordt voor de opname op de pre-operatieve polikliniek door de anesthesioloog met u besproken.

Tijdens de operatie
Wanneer het letsel pas later herkend wordt is een operatie van de enkel meestal onvermijdelijk. Het losse stukje bot of kraakbeen kan verwijderd worden. In specifieke gevallen kan de arts de bloedtoevoer verbeteren door het boren van kleine gaatjes op de plek van de kraakbeenbeschadiging. Dit wordt ook wel een ‘microfractuur’ behandeling genoemd. Meestal kan de operatie door middel van een artroscopie (kijkoperatie) uitgevoerd worden, maar in enkele gevallen is het blootleggen van de enkel noodzakelijk. Het voordeel van een kijkoperatie is dat er geen grote wond ontstaat. De enkel blijft voor het grootste deel gesloten. Hierdoor duurt de operatie minder lang en zal het herstel, vanwege de kleine wonden, sneller zijn.

Hechtingen
In vrijwel alle gevallen wordt gebruikt gemaakt van oplosbare hechtingen. Zes weken na de operatie komt u voor een controle afspraak op de polikliniek.

Na de operatie
Als de operatie is beëindigd wordt er een drukverband om de enkel aangelegd. Soms wordt er een drain achtergelaten om bloed dat vrijkomt in de enkel af te voeren. Vervolgens gaat u terug naar de uitslaapkamer.

Opnameduur
Deze behandeling vindt over het algemeen plaats in dagbehandeling. Na het verwijderen van de drain en nadere instructies van de verpleegkundige kunt u het ziekenhuis verlaten.

Mobiliteit
Afhankelijk van wat er precies gedaan wordt bij de operatie mag u de enkel een periode niet belasten. In het geval dat er boorgaatjes worden gemaakt om de aangroei van kraakbeen te stimuleren dient u tenminste 6 weken de enkel niet te belasten. Sportieve activiteiten kunnen over het algemeen na 3-6 maanden hervat worden.

Complicaties
Uiteraard wordt er steriel gewerkt om infecties te voorkomen. De kans op een infectie blijft echter altijd aanwezig. Daarnaast is er kans op gevoelsstoornissen van de huid rond de steekgaatjes en tevens op de voetrug. Vaak verbeteren deze gevoelsstoornissen in de loop van de tijd.


In het ziekenhuis
Na de operatie wordt er een drukverband om de voet aangelegd. U krijgt van onze fysiotherapeuten instructies hoe u met krukken moet lopen.

Pijnstilling
Indien u pijn ervaart kunt u pijnstillers gebruiken. U krijgt een recept voor pijnstillers mee, u kunt uw medicatie bij uw apotheek ophalen.

Poliklinische controle
Na zes weken komt u op de polikliniek voor controle bij de orthopedisch chirurg.

Revalidatie en fysiotherapie
De eerste 6-12 weken mag u de voet niet belasten, deze duur is afhankelijk van de exacte bevindingen bij de operatie. U dient de voet zo veel mogelijk hoog te leggen om zwelling te voorkomen. Daarnaast dient u de enkel frequent (onbelast) te bewegen om stijfheid te voorkomen. Fysiotherapie wordt voorgeschreven om u hierin te begeleiden. Na 6 tot 12 weken mag u de belasting geleidelijk op gaan voeren, ook dit gebeurt onder begeleiding van een fysiotherapeut. Sporthervatting kan over het algemeen 4-6 maanden na de operatie.
NB: De standaard nabehandeling is hier beschreven, in individuele gevallen kan van dit schema worden afgeweken.